Het verhaal over Ruth is een prachtig verhaal. Maar welke thema’s en vragen spelen onder de oppervlakte een rol?

Het verhaal neemt ons mee naar een tijd van crisis. Díepe crisis zelfs, want er is hongersnood in Betlehem. De naam van die stad betekent ‘huis van het brood’; als daar hongersnood is gaat er iets grondig mis. Dat geldt ook voor de gebeurtenisse naan het begin van het verhaal. De eerste persoon die door de Bijbelse verteller wordt voorgesteld, is een man uit Betlehem: Elimelech, ‘God is koning’.De man die God als zijn koning heeft, gaat met zijn vrouw en twee zoons weg uit Betlehem om in Moab zijn geluk te beproeven.Als je het nietsvermoedend leest, denk je het begin te lezen van een verhaal over de reiservaringen van deze Elimelech. Maar het loopt anders. Al in vers 3is de veronderstelde hoofdpersoon gestorven, en 2 verzen later horen we dat ook zijn zoons sterven.  Wat is dit voor verhaal? Welk verhaal begint nou met de dood van drie hoofdpersonen? Het lijkt een begin dat geen begin is. Of is het een einde dat geen einde is?

Het verhaal van Israël gaat verder, soms langs onverwachte wegen en met verrassende ontwikkelingen. De drie vrouwen die aan het graf stonden, staan uiteindelijk rond een wieg. Dát is het verhaal van Noömi: de lieflijke, een naam die geluk met zich meedraagt.

De vele toneelwisselingen, de vaak bijzonder gevoelige teksten van de liederen en de schitterende muziek zorgen ervoor dat je als toeschouwer ogen en oren tekort komt.